Interview met Karolien De Bleser, Amber Goethals en Lotte Vaes

"Kan je het einde bestrijden door telkens opnieuw te beginnen?"

compagnie barbarie, het BRONKS-in-huisgezelschap, begon al 17 keer aan een theatervoorstelling. Als echte meester-beginners wagen ze zich nu aan hun achttiende creatie: Première. Een voorstelling die telkens opnieuw begint. En opnieuw. En opnieuw. Maar is dat überhaupt mogelijk? En wie is die onbekende nieuweling op het podium? 

Hoe zijn jullie aan Première begonnen?
Amber Goethals: Met een blanco blad.
Lotte Vaes: Maar bedoel je met het idee of met de repetitiedagen? Waar ligt voor jullie het begin?
Karolien De Bleser: Goede vraag. Waar begint een voorstelling die draait om beginnen? Voor mij begon het tijdens ons vorige maakproces. Ik herinner mij dat ik aan de koffiemachine stond met Veerle (Kerckhoven, artistiek leider BRONKS) en zei: “Goh, eigenlijk vind ik het zo leuk om openingsscènes te maken. Jammer dat dat daarna altijd een midden, een gevolg, een einde en een betekenis moet krijgen. Kunnen we niet gewoon bij het begin blijven?” Waarop Veerle meteen enthousiast reageerde: “Ja, echt! Al die inhoud altijd… Ik heb altijd al het idee gehad: gewoon 60 scènes van één minuut, zo één uur lang.” Een onnozel mopje, maar daarop zijn we dus beginnen doordenken. Want stel nu dat je dat zou doen: alleen maar beginnen? Wat wil dat dan zeggen? Wat ben je dan aan het maken?
Amber: Wat ben je dan uit de weg aan het gaan?
Karolien: Precies. Als je niet verder durft of alleen maar wilt beginnen: waar ben je dan bang voor? Ja, dat was het begin.

Alle begin is dus niet moeilijk, zoals ze zeggen? Het is het vervolg dat moeilijk is?
Lotte: Als theatermakers houden wij nu eenmaal van beginscènes. Dan is alles ook nog mogelijk, hé. Bovendien zijn er evenveel mensen die wél goed aan dingen kunnen beginnen, maar ze niet per se kunnen afmaken.
Amber: Beginnen aan Monopoly is plezant. Het spel uitspelen? Dat is lastiger.
Karolien: Je hebt natuurlijk beide types. Je hebt mensen die niet durven beginnen, of die heel graag eens opnieuw willen beginnen, of die écht eens moeten herbeginnen, maar toch blijven doorgaan terwijl je denkt: “Stop gewoon en begin maar opnieuw.” En dan heb je mensen die constant opnieuw beginnen, maar nooit iets voltooien. Als je dat naar kinderen trekt, dan zeggen we bijvoorbeeld heel graag tegen kinderen: “Begint nu toch, komaan…”
Amber: Of: “Gij begint ergens aan en ge maakt het nooit ni af!”

Beginnen aan Monopoly is plezant. Het spel uitspelen? Dat is lastiger.
Amber Goethals

Een beetje zoals jullie in de voorstelling?
Karolien: Ja, en misschien voelen ze ergens een soort frustratie, omdat wij de dingen – zoals de openingsscènes – zélf niet helemaal afmaken. Op je achtste begin je dan ook te ontdekken dat nieuwe hoofdstukken beginnen zonder dat het vorige altijd netjes eindigt. Je krijgt bijvoorbeeld een nieuwe boekentas, omdat je oude versleten is. Maar die oude boekentas vergeet je niet zomaar; die draagt herinneringen en symboliseert een afgesloten stukje van je leven. Of denk aan de eerste keer dat je verhuist, een vriend verliest, of van school verandert. Het besef groeit dat niet alles een duidelijk begin, midden en einde heeft. En dat je wel vaker opnieuw moet beginnen.

Zijn er openingsscènes die jullie hebben geïnspireerd?
Amber: We gaven elkaar de opdracht om tien ‘beginnen’ mee te nemen, zoals het begin van een boek, een muzieknummer of een film. Dat leverde een arsenaal aan inspirerend materiaal op, al hebben we er geen scènes direct uit overgenomen.
Lotte: Zoals de films van Spielberg, waarin muziek spanning opbouwt naar iets wat je misschien niet eens te zien krijgt. Hoe speel je daarmee en waar breek je de opbouw af?
Amber: Ja, waar eindigt het begin?
Lotte: En daar zitten we nu ook alweer mee, hé. Want wij hebben veel openingsscènes, maar vanaf dat je ze aan elkaar rijgt, zijn het geen openingsscènes meer. De eerste bepaalt dan alles wat volgt. Dus je blijft opboksen tegen die ene scène die je helemaal aan het begin van je voorstelling zet. De rest verhoudt zich daartoe, of je dat nu wilt of niet.
Karolien: Een ‘onbeschreven blad’ bestaat niet. Zodra je begint, borduur je voort op dat verhaal, zelfs als je zegt: “Nee, nee, ik begin opnieuw.” Dat inzicht – dat je nooit helemaal loskomt van wat al was – vonden we mooi om te vertellen.
Lotte: Zo is zelfs een pasgeboren kind geen onbeschreven blad. Je krijgt onvermijdelijk bagage mee – je gezin, de wereld waarin je opgroeit, ....

Voor het eerst doet Francis Geeraert met jullie mee. Hoe liep dat met zo’n ‘beginneling’?
In koor: Ja, zeuuu!
Amber: Ik blijf onder de indruk van hoe volwassen hij praat, terwijl wij toch wat kinds blijven. Maar het is echt heel gezellig.
Lotte: Het is fijn om die nieuwe aanwezigheid erbij te hebben en te zien hoe dat onze structuur verandert – of niet. Hij valt in iets wat al lang bestaat, met een groot midden. Dat gooi je niet zomaar weg, maar het biedt ook nieuwe mogelijkheden.
Amber: Francis staat voor ons symbool voor het nieuwe, dat zowel inspirerend als beangstigend kan zijn. Het confronteert ons met het feit dat we zelf niet meer nieuw zijn, maar tegelijk geeft het energie om mee te gaan in dat frisse, jonge perspectief.
Lotte: Een voorstelling over beginnen gaat ook onvermijdelijk over eindigen. Wij zijn dichter bij een einde dan hij, en dat is confronterend én mooi. Dat leidde tot de vraag: “Kan je het einde bestrijden door telkens opnieuw te beginnen?” Het gaat uiteindelijk om aanvaarding en de schoonheid kunnen zien in begin, midden én einde.

Volgend jaar beginnen jullie dan ook aan het einde: Finale. Vertel.
Lotte: Na het begin beginnen we aan het einde, ja. De voorstelling Finale is samen met Première een tweeluik. Begin en einde. Onlosmakelijk verbonden.
Karolien: Zeker. Finale gaat over wat een einde eigenlijk is. Hoe ga je daarmee om? Hoe neem je afscheid van dingen die onherroepelijk voorbij zijn en niet meer terugkomen. Geen nieuw begin, maar een finaal einde.

Dus Première is de vrolijke van de twee? 
Karolien: Inderdaad, dit is de vrolijke voorstelling,…
Lotte: Nee, nee, er zal gelachen worden met het einde. Wat moet je anders doen? Maar we beginnen dus met het begin.
compagnie barbarie: (lacht)